woensdag 27 november 2013

Hanepoten, strepen en inktvlekken

Kun je je het nog voor de geest halen? Een papier met horizontale blauwe lijntjes en aan de linkerkant een rode lijn van boven tot onder. Alle woorden dansen op papier. De één netjes op het lijntje en de ander er weer net iets onder. Bij een leeg stuk tekst een vrolijk tekeningetje. De enige echte brief. Voor mij is het al jaren geleden dat ik er één geschreven heb. 

Vroeger had ik een penvriendin. We stuurden regelmatig brieven naar elkaar om te vertellen hoe saai school eigenlijk is en dat alle jongens stom zijn. Niks geen sms’je of e-mail. Zelfs boodschappenbriefjes eindigen in mijn telefoonnotities. Ik stuur alleen nog een handgeschreven ansichtkaart vanaf mijn vakantieadres en ik zet met een blauwe pen een handtekening onder de rekening van de H&M.

Natuurlijk is een sms’je stukken sneller en een e-mail ontzettend handig, maar een brief is eigenlijk wel stukken persoonlijker. Je zet de zinnen op papier, maakt fouten en probeert die netjes door te strepen, waardoor het alsnog een chaotisch rommeltje wordt. Je begint met schrijven, maar dan bedenk je dat je toch iets anders wil zeggen en verfrommelt het papier tot een grote prop. Op de grond liggen er nog een stuk of vijf. De brief is iets persoonlijks. Het is van jou. Met je eigen hanenpoten, gekke A’s en grappige hoofdletters. De brief telt ontzettend veel spelfouten, omdat het briefpapier geen rode lijntjes onder woordjes zet zoals Word dat doet. Vol spanning doen we de envelop in de brievenbus en moeten we wachten tot we antwoord krijgen. Na drie dagen kijk je hoopvol in de brievenbus en wie weet ligt daar wel een antwoord op je te wachten. Nu hoef ik echt niet in de brievenbus te kijken. Het enige wat ik daar kan vinden zijn rekeningen, folders of een boete voor te hard rijden. In de zomer heel af en toe een ansichtkaartje, maar de persoonlijke berichtjes moet ik toch via Facebook, e-mail, sms en Whatsapp krijgen… Maar eerlijk is eerlijk: zonder die moderne technieken waren we nergens!


woensdag 13 november 2013

Red mijn toekomst!

Ai, ai, ai… Ruim 500 banen verdwijnen bij Sanoma. De grootste in tijdschriftland. Hoe moet dat nou? 

Mensen lezen te weinig in het algemeen. Ja, we lezen vluchtig de koppen van Nu.nl of even vluchtig het gratis krantje in de trein, maar afgezien daarvan houden we ons tekstueel alleen bezig met Facebook, Twitter, Whatsapp en sommigen doen nog aan sms’en. Beseffen jullie wel dat als jullie daar niet onmiddellijk mee stoppen er nog meer banen verloren gaan? Ik ben gedoemd om voor elk tijdschrift een lidmaatschap af te sluiten. Ik probeer ze te redden! Zien jullie dat niet? Mijn bankrekening staat fors in het rood, maar ik doe het met een doel. Het is wel mijn toekomst…


Nee hoor, gekkigheid. Jullie hoeven niet allemaal een abonnement te nemen op een tijdschrift. Ik vind het al heel wat dat je de moeite neemt dit korte stukje tekst door te lezen. Toch maak ik mij ergens wel een beetje zorgen. Geen idee hoe de wereld er over anderhalf jaar uitziet, maar die tijd gaat zo snel. Ik kan mij nog als de dag van gisteren herinneren dat ik als kleuter vocht om een rode schep. Dat ging er heftig aan toe kan ik je vertellen. En nu, zo’n 15 jaar later, sta ik al bijna met knikkende knietjes op de arbeidsmarkt. Bedelend als een zwerver om een baan bij een tijdschrift. Smekend dat ze een soort X-factor in mij gaan zien. De tijden zijn veranderd met de komst van internet, maar ik hou hoop dat er ergens in die hele schrijverswereld nog een plekje voor dat meisje uit Nijelamer overblijft. En wie weet! Misschien eindig ik ook als arme sloeber in een café en haal ik van mijn laatste euro een kop koffie en schrijf ik een bestseller die mij net zo rijk maakt als de schrijfster van Harry Potter. Al lijkt het allemaal uitzichtloos, je mag nooit je dromen opgeven. Al probeer je het duizenden keren, het hoeft uiteindelijk maar één keer echt raak te zijn. 

zaterdag 9 november 2013

Neergeslagen

Bron: Pinterest.com


Ik weet het. Het is allemaal ontzettend oneerlijk. Het leven heeft zo zijn eigen manieren om je te laten struikelen en vervolgens te laten vallen. Het breekt je, het maakt je soms tot aan de grond kapot. Hoe groter je aan het worden bent, hoe harder je de grond kunt raken. Woorden snijden als messen in je ziel en maken nog meer krassen. Het is zo oneerlijk en het is onbegrijpelijk. Het woord ‘waarom’ blijft in je hoofd rondzingen en er is niemand die er een antwoord op durft te geven. Of kan geven.


Je denkt nu dat het nooit meer over zal gaan. De pijn, het verdriet en het verdrietige gevoel. Je denkt dat het allemaal in je hoofd rond blijft cirkelen en rond blijft gaan. Je denkt dat je nooit meer verder zou kunnen. Maar nu zoveel jaar later weet ik dat je het wel hebt gekund. Kijk toch eens naar de toekomst lief meisje. Wees niet zo verdrietig en blijf niet hangen in je verdriet. Het leven is oneerlijk en dat blijft het ook. En daarom is het aan jou om jezelf sterk te maken en het goede te doen. Daarom is het aan jou om de wereld zijn lieve kanten te laten zien. En ja, soms wordt je keihard naar de grond geslagen. En soms lijken de donderwolken weer boven je hoofd rond te cirkelen, maar jij weet heel goed dat ook de zon weer gaat schijnen. Jij weet dondersgoed hoe mooi het leven kan zijn, dus laat je niet vallen.

Woorden zijn maar woorden. Laat ze maar in je ziel snijden. Laat ze je maar pijn doen. De pijn die je ervaart, wordt vanzelf minder. En uiteindelijk maakt het je sterker. Het maakt je een beter mens. En dat mens, gaat later mooie dingen doen. Dus kop op lief meisje. Het komt allemaal wel goed. Je moet er alleen maar voor durven gaan.



donderdag 31 oktober 2013

“Hoor wie klopt daar kin’dren…”

Ietwat gespannen zit ik samen met mijn twee jonge nichtjes op de bank bij opa en oma. Het is al half negen geweest en er zijn nog steeds geen cadeautjes. Sinterklaas is ons toch niet vergeten? Mijn vader is nog geen vijf minuten geleden naar buiten gelopen om te roken. Een beetje verdacht is het wel, want het is elk jaar hetzelfde liedje. Hij is nooit op tijd terug om Zwarte Piet op het raam te horen bonzen. Een typisch geval van slechte timing waarschijnlijk, maar dat geeft niets. Wij krijgen cadeautjes en lieve gedichtjes, omdat we weer een jaar lief zijn geweest.

Nu, zoveel jaar later, ben ik het gezeur om Zwarte Piet zat. Ik vind de discussie die gevoerd wordt niet erg. Er mag wel iets veranderen, maar we hoeven elkaar niet aan te vallen. Verschillende berichten kwam ik tegen op social media: “Als jullie Zwarte Piet niet langer willen, rot je maar op naar je eigen land.” Daar ben ik het niet mee eens. Je mag best een kritische noot aanvoeren. En Piet hoeft misschien niet pikzwart te zijn. Wat ik nu wel erg vind, is dat nu het hele kinderfeest teniet gedaan wordt.
Bij RTL Late Night sprak een (donkere) vader over zijn (donkere) zoontje die zei: “Papa, waarom bemoeien jullie volwassenen zich daarmee? Het is toch voor ons? Voor de kinderen?” Toen dacht ik: Ja! Dat is toch ook zo? Het is een feest voor kinderen. Ze krijgen cadeautjes als ze lief zijn geweest. De boot komt bij wijze van spreken aan in hartje Groningen, helemaal vanuit Spanje. Dat soort dingen kunnen toch ook niet? Denkt een kind daarover na? Nee. Denken kinderen dan wel aan slavernij? Waarschijnlijk niet. Moeten Pieten blanker, geler of roder? Prima, als het idee van Sinterklaas maar overeind blijft. 

donderdag 17 oktober 2013

Muzikale emotie

Met haar ogen dicht staat ze in de woonkamer. De cd die in haar cd-speler zit, is haar lievelingsmuziek. De volumeknop is ver naar rechts gedraaid. Met haar handen beweegt ze mee op de muziek. Af en toe maakt ze een paar voorzichtige wals pasjes. De vermoeidheid die eerder in haar gezicht te zien was, is nu helemaal verdwenen. Een stralende glimlach van oor tot oor. Als een dirigent bewegen haar vingers op de maat van de muziek en glimlacht breed. Na een paar minuten heeft ze door dat ik er ook nog ben en draait zich naar mij om. ‘Mooi hè,’ zegt ze zacht.



Een tijdje terug kwam ik erachter dat muziek heel belangrijk voor iemand kan zijn. Tijdens mijn vakantiebaantje was ik bij een ontzettend lief vrouwtje die probeerde te genieten van het leven, maar haar man met Alzheimer maakte dat genieten stukken lastiger. Hij woont nog bij haar in huis als haar man, maar hij herkent haar niet als zijn vrouw. Hij wordt incontinent, begrijpt de dingen niet meer en loopt als een hondje achter haar aan. Ze kan niet even het huis ontvluchten, omdat hij dan bang wordt. De man met wie ze al meer dan 60 jaar samen is, is eigenlijk haar man niet meer. En bovenop dat alles, is er vorig jaar in hun woning ingebroken en is haar trouwring meegenomen. Het enige wat haar nog herinnerde aan het goede leven met haar man. Aan de man die ze kent. Aan de man van wie ze zielsveel houdt.

Om zichzelf toch op te vrolijken zet ze vrolijke accordeonplaatjes op. Toen ik er was liet ze mij er een aantal horen en ondanks dat het niet mijn muziek is, snap je de boodschap die erachter zit. De vrolijke klanken van de accordeon. Soms vrolijk, soms verdrietig. Soms snel, soms langzaam. En zo ging dat een tijdje door. Ze danste in de kamer, neuriede mee met de wijsjes en straalde van oor tot oor. Bij een bepaald stukje stak ze haar vinger in de lucht en keek mij met stralende ogen aan. ‘Moet je horen, dit stukje is zo mooi…’ Op dat moment begreep ik beter dan ooit dat muziek bovenal emotie is. En we luisterden nog een paar minuten samen naar de muziek, terwijl de klanken van de accordeon langzaam wegstierven. 

woensdag 2 oktober 2013

Dwarskopperij

Dwars zijn is iets waar we (bijna) allemaal wel eens mee te maken hebben. Het is bij mijn lieve neefje van 1,5 af en toe te merken dat hij echt een eigen willetje heeft. Als hij naar de boe wil, dan wil hij naar de boe. Als hij op zijn raceauto door huis heen scheurt, wil hij daar niet vanaf getild worden, omdat hij op bed moet.  Boos begint hij dan te huilen en stampt woest met zijn voetjes op de grond. Gelukkig zijn er voor die leeftijd nog handigheidjes. Je tilt hem op, negeert zijn gehuil en legt hem in zijn bedje waar hij nog niet uit kan klimmen. Makkelijk! Jammer genoeg kun je die dwarsliggende collega niet optillen en in zijn bed stoppen.

Toch heb je ook geen fijn leven als je een jaknikker bent. Soms moet je nou eenmaal op je strepen staan en zeggen wat je ervan vindt en wat jij wilt. Het is dan te hopen dat je een jaknikker tegenover je hebt staan die zonder morren ook rechtsom wil. Het gebeurt namelijk regelmatig dat mijn vriend en ik allebei even dwars zijn. Ik wil rechts, hij wil op dat moment links. Negen van de tien keer komen we daar prima uit, maar af en toe botst het.
‘Zullen we zo naar huis?’ We zijn op een verjaardag waar de lol inmiddels wel vanaf is. De meeste visite is al vertrokken en de mensen die er nog zijn hebben een behoorlijke borrel te veel op, behalve ik dan. Mijn alcoholische versnaperingen staan op nul.
‘Nee, het is nog zo gezellig!’ zegt hij vervolgens met zijn pretogen.
Ik rol met mijn ogen en staar de kamer rond. Heel gezellig inderdaad met iemand die bijna op de tafel ligt te slapen. Een ander is gekke dansbewegingen aan het maken, terwijl er geen eens muziek gedraaid wordt.
‘Maar ik heb het wel gehad,’ dram ik door.
‘We gaan zo…’ mompelt hij dan en heel even is het dwarskop gevoel weg.
Als zijn bierflesje leeg is wil ik hem meetrekken, maar dan komt de gastheer eraan die hem doodleuk nog een biertje voorzet.
‘We gingen toch weg?’ Over het vorige biertje deed hij al ellendig lang. Dat zal bij de volgende wel niet anders zijn.
‘Ja, nog een allerlaatste.’
Die mannen ook altijd met hun laatste, allerlaatste en aller-allerlaatste…
‘Nee nu.’ Ik trek mijn jas aan, maar heb meteen door dat het geen zin heeft. Meneer is dwars, net als ik. Toch geef ik deze keer maar toe en ga met de jas aan naast hem staan.
‘Na deze gaan we echt.’
‘Ja-haa,’ zegt meneer glimlachend en dan baal ik. Hij heeft dit keer gewonnen, maar de volgende keer weet ik het zeker. Dan win ik!


woensdag 18 september 2013

Roddel en achterklap

Is het je wel eens opgevallen hoeveel mensen een denkfout maken? Er wordt door iemand iets geroepen en een ander neemt het klakkeloos over en vertelt het weer door aan de volgende. Zo gaat de roddel razendsnel en weet ineens iedereen het. Behalve degene waar het daadwerkelijk om gaat. Vaak weet diegene van niets, omdat niemand de ballen heeft het ook even te checken. Soms hoort diegene het ineens in de supermarkt. ‘Gefeliciteerd met je zwangerschap!’ Een paar vragende ogen zijn het resultaat. ‘Zwanger? Ik ben helemaal niet zwanger…?’

Bij mijn opleiding draait alles om de waarheid. Journalistiek is geen verzonnen verhaaltje vertellen; het is het achterhalen van de waarheid. De Privé en de Story uitgezonderd. Je hoort iets, een gerucht, een roddel of een bijzonder verhaal en dan ga je een stap verder: is het wel waar? Je gaat niet iets in de krant zetten, wat nooit gebeurd is. Je gaat geen leugens vertellen. En daarom heb ik een hekel aan mensen die niet eerst iets checken en het zo weer verder vertellen. Het is schijnheilig, lamzakkerig en achterbaks gedoe. Jammer genoeg gebeurt het veel te vaak dat een roddel wordt doorgegeven, zonder de waarheid eerst te checken bij de persoon waar het daadwerkelijk om gaat.

En natuurlijk wordt er geroddeld in een dorp, groep of klas. Een beetje roddelen is ook niet zo erg. Iedereen doet het af en toe, maar hoe je het doet, bepaalt wat voor persoon je bent. Hoor je iets ergs, neem je het over en vertel je het zo weer door is erg. Roddelen achter iemands rug om en vervolgens poeslief doen tegen diegene is achterbaks. Gezonde roddels over iemand die dronken was en van de trap viel zijn lang niet zo schijnheilig als verhalen expres de wereld inbrengen, terwijl het iemand echt kan schaden. Roddel met een zekere vorm van respect en denk eerst na voor je iets doorvertelt.

zondag 8 september 2013

Ik vind het stom dat...

In de LINDA. staat een rubriek waarin een bekende Nederlander dingen moet vertellen die hij stom vindt. En eigenlijk is het best grappig, want er zijn ontzettend veel stomme dingen in de wereld. Hierbij een lijstje met een twintigtal dingen die ik echt stom vind. Vooral onnozele dingen, omdat je daar anders niet bij stilstaat. Want we vinden allemaal oorlog en ruzies stom toch?




Ik vind het stom dat….

1.      Wanneer je mooie pumps ziet voor heel weinig geld, maar je vergeet dat je eigenlijk helemaal niet op hoge hakken kunt lopen. Nu zijn het mooie schoenen in je kast, maar het is stom dat je ze nooit aantrekt.
2.      Dat ik nog altijd buiten adem ben als ik trappen op moet lopen, ondanks dat ik al dik 1,5 jaar intensief twee keer per week sport.
3.      Wanneer je zin hebt in iets lekkers zoals chips of koekjes, dat er niets in huis is.
4.      Ik nooit kaartjes voor een concert kan krijgen, omdat ze dan altijd al uitverkocht zijn.
5.      Mensen denken dat ik soms nog maar 16/17 ben en ik bij de 18+-kroeg in Heerenveen áltijd mijn ID moet laten zien. Ondanks dat ik er al 3 jaar regelmatig kom.
6.      Er niet meer chocolade tussen oreo koekjes zit.
7.      Ik een kast vol kleren heb, maar nooit iets leuks heb om aan te trekken.
8.      Ik talloze afleveringen van The Dog Whisperer heb gezien, maar nog altijd mijn eigen hond niet aan kan pakken. Waarom werkt het bij hem wel?
9.      Mannen soms niet begrijpen dat een vrouw écht geen zin heeft.
10.   Dat je van eten en drinken dik wordt en extra veel moet sporten om het er weer af te krijgen.
11.   Je soms denkt dat iemand naar je zwaait, maar diegene eigenlijk naar iemand anders zwaait. Je hebt intussen je hand al opgestoken en vrolijk teruggezwaaid. Resultaat: een rode kop.
12.   Dat Youtube stomme reclames tussendoor heeft.
13.   Een vrouw ongesteld wordt, een vrouw kinderen baart en dat wij vrouwen altijd worden geplaagd met het feit dat we zogenaamd geen auto kunnen rijden. De slechte chauffeur van Nederland niet gezien?
14.   Dat Grey’s Anatomy bijna is afgelopen en dat je zolang moet wachten op nieuwe afleveringen op tv.
15.   Sommige mensen je niet durven vertellen dat je een zwarte veeg op je wang hebt en iedereen je lekker voor lul laat lopen.
16.   Dat er mensen zijn die doen alsof je nog een klein kind bent, ook al ben je de 40 al gepasseerd. Praat als een volwassene alsjeblieft!
17.   Mensen die mompelend iets aan je vragen en verwachten dat je het verstaat. Als je vraagt wat ze zeiden, reageren ze ineens chagrijnig.
18.   Leuke dingen doen duur is, zoals een pretpark of een dierentuin. Waarom?
19.   Wij vrouwen geacht worden alles te scheren. En dat scheergedeelte is niet erg, maar wel het feit dat mannen dat niet hoeven te doen. Die mogen de boel de boel laten en vrouwen moeten álles bijhouden. Vermoeiend hoor…
20.   Je soms heel veel dingen in één keer wilt zeggen en je daarom gaat stotteren en ‘blegghh overnieuw’ zegt om vervolgens een rood hoofd te krijgen.


Goed, dit is maar een greep uit alles wat stom kan zijn. Schroom niet en vul hieronder aan in de reacties! Vind ik leuk om te lezen. 

maandag 26 augustus 2013

Primark: hemel of hel?

De Primark: voor de één een hemel. Voor de ander de groots mogelijke hel. Hordes vrouwen en meisjes die graaien, grissen, trekken en duwen om dat ene shirtje van drie euro in hun mega shoppingbag te stoppen. Blik op oneindig en gewoon gaan door die winkel. Je niets aantrekken van al die andere grijpgrage vrouwen. Gewoon aan de kant duwen en dat laatste paar schoenen voor een tientje grijpen. Boze blikken negeren. Thuis komen met blauwe plekken in je zij of die schram op je wang omdat je dat laatste shirtje moest hebben. En dan die mannen die braaf op hun vrouw of vriendin staan te wachten en hun ogen uitkijken. Ze begrijpen absoluut niet wat er in die vrouwen omgaat die in de winkel rondlopen. En ik kan het ze ook niet kwalijk nemen.

Mijn eerste Primark ervaring is nu zo’n drie jaar geleden. Met vriendinnen op naar Hoofddorp. Voor mij was het een hemel. Al die shirtjes, topjes, hemdjes en broeken voor zo weinig geld. Zelfs de H&M is nog duurder dan die Primark winkel uit Ierland. Als je dan uit de Primark komt en je naar een andere winkel gaat, is alles ineens duur in je ogen. ‘Ik ga toch geen twintig euro betalen voor een topje?’ roep je dan, terwijl je met je ogen rolt.
En nog steeds vind ik het heerlijk om één à twee keer per jaar de winkel te bezoeken. En toch sta ik er elke keer weer van te kijken hoe gek sommige vrouwen zijn. Eén keer heb ik het meegemaakt dat we er voor openingstijd waren. Er stond echt een enorme rij voor de winkel te wachten. En bij het openen van de deuren renden al die vrouwen naar binnen. Ze grepen een grote shoppingbag van de stapel en doorkruisten de hele winkel. Een tas vol kleren en schoenen en je betaalt nog maar vijftig euro. ‘Een koopje!’ riepen mijn vriendinnen uit. Alleen rijen en rijen voor de pashokjes en ook rijen voor de kassa. En wachten maakt hebberig. Bij het wachten zie je ineens nog een leuk armbandje hangen (maar €1) en nog een leuke muts voor in de winter (maar €3!). Eenmaal thuis pak je je tas uit en dan zie je die muts met die gekke oren en dan twijfel je toch een beetje. En die blouse leek zo leuk, maar hij zit voor geen meter… Dan word je plots wakker uit de hemelse droom. Die Primark is toch eigenlijk soms een behoorlijke hel…


woensdag 14 augustus 2013

Een beetje raar... (Column Stellingwerf 14-8-13)

Je moet je eens voorstellen dat je bij Woodstock bent geweest. Je slaapt vlakbij en loopt terug naar de camping. Voor de caravan zit je zwager nog gezellig een biertje te doen en je gaat er gezellig bij zitten. Je praat nog even leuk en dan is het tijd om te gaan slapen. Je trekt de deur van de caravan los, maar op de plek waar jij hoort te liggen, ligt je broer. Je kijkt naar rechts en ziet dat de plek die leeg hoort te zijn, ook bezet is. Juist, daar hoorde mijn broer te liggen en in dat andere bed hoorde ik te liggen. Een vriend van je broer had geen zin om naar huis te fietsen en heeft doodleuk je plek ingepikt. Ik heb aan zijn schouder zitten trekken, heb dingen tegen hem gezegd, maar hij was niet wakker te krijgen. Ietwat gefrustreerd zat ik naar hem te kijken en heb toen mijn spullen maar gepakt. Mijn autootje (Fiat seicento) is niet erg groot, maar ik moest wel. Ik heb mezelf opgerold en ben op de achterbank gaan slapen. Mijn tere rug was de volgende ochtend stijf. Ik heb eerst alle spieren moeten rekken, voordat ik weer een beetje normaal liep. Maar goed, het hoort er allemaal bij. We doen allemaal wel eens iets stoms.

Een andere vriend van mijn broer was namelijk ook niet al te snugger. Hij dacht heel handig te zijn door een kortere route te nemen naar dezelfde camping als waar wij sliepen. Het was welgeteld vier meter korter, maar goed. Dat maakt allemaal niet uit! Het was korter. Dus meneer loopt dwars door de rietkragen heen en wandelt zo de sloot in. Tot aan zijn middel zeiknat en goor. Zijn vriendin lag helemaal dubbel, want het zag er niet uit. De nooddouche van de mensen waar wij sliepen, was al jaren niet meer gebruikt en had maar één stand: bloedheet. Deze jongen is dezelfde jongen die mij vorig jaar ook uit mijn slaap heeft gehouden. Hij stond in de caravan te gillen. Ik begreep er helemaal niks van en deed een lampje aan. Hij stond met een kastdeur in zijn handen. Ik begreep niet wat hij daarmee deed, waarop hij begon te schreeuwen.
‘Ik moet eruit! Ik moet eruit!’
‘Waarom?’ vroeg ik slaapdronken.
‘Ik moet plassen, maar ik kan de uitgang niet vinden!’

Geërgerd heb ik hem de uitgang gewezen, maar later moest ik heel hard lachen. Ik vergeet nooit meer hoe hij daar met die kastdeur in zijn handen stond. Net als dat ik niet snel zal vergeten hoe ik opgekruld in mijn autootje lag. En dat ik samen met mijn zwager en vriendin heb lopen opdrukken in de grote tent. Dat vergeten we ook niet snel…