dinsdag 24 december 2013

Meeblèren tot je een ons weegt

Voor de één is het een absolute no-go. Voor de ander een feest van herkenning en sentiment. Ik ben nog maar 22 jaar, maar ik ben gaan houden van de Top2000 van Radio2. Ondanks de vele liedjes die ik verschrikkelijk vind, Franse chansons of rare melodietjes, heeft het iets. Voor zover ik mij kan herinneren, gaat de radio deze periode op Radio2. De krant met het overzicht van de 2000 mooiste liedjes ligt op de keukentafel. Als we een mooie horen, strepen we het liedje aan. 

Die moeten we even onthouden. En vervolgens verdwijnt hij na een week weer in de oud papier bak en moeten we weer een jaar wachten op datzelfde liedje. Vroeger wilde ik ook graag zelf op de bühne staan en voor mensen schitteren. Want er is mij ooit vertelt dat ik mooi kan zingen…

Ik geloof dat het in groep zeven was. We waren druk bezig met de voorbereidingen voor de musical. Ik kreeg een rol toebedeeld en daar hoorde ook een sololiedje bij. Doodeng vond ik het, maar na vaak geoefend te hebben, was daar het moment. Het ging ook best wel redelijk goed, maar een kindsterretje zat er voor mijn gevoel niet in. Tot er na de tijd meerdere ouders naar mij toe kwamen.
“Wat kun jij mooi zingen! Je moet meedoen aan Kinderen voor Kinderen!”
En dat heb ik nog jaren geloofd. Na een tijdje kreeg ik een microfoon voor bij de computer. Op die manier kon ik dingen opnemen en ben ik ook liedjes gaan zingen. En ik zal je heel eerlijk vertellen dat ik mijn billen samenkneep als ik mijn eigen stem terugluisterde.

Nu is je eigen stem altijd wel gek als je hem terugluistert, maar ik hoor echt wel wanneer het vals is of gewoon mwah… Dat was echt te vals voor woorden. Godzijdank heb ik het nooit op YouTube gezet. Nu beperk ik mij tot het meezingen in de auto, soms onder de douche of tijdens het uitgaan. En dan gaat de muziek gewoon extra hard, zodat ik niet te horen ben. En over een paar dagen gaat de radio in huis, de tv en in mijn auto op Radio2. En mocht je mij tegenkomen met mijn mond open? Dan weet je dat ik keihard aan het mee blèren ben! 

woensdag 11 december 2013

Oh doktertje toch

We hebben de Zwarte Piet discussie gehad, maar nu is er weer een nieuwe discussie opgestaan. Die van Dokter Corrie! Even kort samenvattend: een humoristisch, seksueel voorlichtend programma voor kinderen. BN’ers vertellen over hun eerste keer of over de vragen die zij als kind over seks hadden. Helaas gaat op veel scholen de televisie uit, omdat ouders bezwaar hebben gemaakt.

Ik wilde dat wij zo’n programma hadden om naar te kijken toen ik op de basisschool zat. Iedereen was een beetje voorzichtig met het onderwerp seks. Thuis werd niet veel over gesproken. Op de basisschool hebben we condooms onder de kraan gevuld met water tot ze knapten. Tampons deden we in plastic bekertjes met water en zagen hoe reusachtig ze werden. Vervolgens gingen we er puberaal met een rode stift op tekenen.
Het ging niet over de eerste keer. Er werd niet voorgelicht over vriendjes en wanneer het tijd is om hét dan ook daadwerkelijk te doen. In plaats daarvan mochten we wachten tot de derde klas van de middelbare school. Eindelijk kregen we serieuze voorlichting tijdens de biologieles van een lieve, maar veel oudere leraar die zeker zijn best deed, maar zijn leeftijd niet mee had.
In het biologieboek werd theoretisch vertelt hoe kinderen op de wereld kwamen en wat voor soorten anticonceptiemiddelen je had. Daarna werd er een dvd in de televisie gedrukt en keken we een half uur naar getekende poppetjes die seks hadden. Een heel fout voorlichtingsfilmpje die na vijf minuten al niet meer interessant was. In het filmpje ging het ook niet over masturberen, verliefd worden en wanneer het goed was om het wel of niet te doen. Dingen die je je als kind afvraagt, besprak je met vriendinnen die nog net zo groen waren als jij. Je ouders waren je ouders, daar ging je het dus niet aan vragen. Je haalde dingen van internet, zag dingen in series, maar echt goede voorlichting? Nee, dat is er nooit geweest.


Ik pleit voor het behoud van een programma zoals Dokter Corrie. Op humoristische wijze vertelt ze over verliefd zijn, hoe je moet tongen en je eerste erectie. Zou ze het op net zo’n droge en taaie manier vertellen als in de biologieles die ik gekregen heb, dan was het niet blijven hangen. Wees blij dat het programma kinderen laat lachen en taboes doorbreekt. Alleen op die manier onthouden kinderen het en voorkom je dat je twaalfjarige kind een baby ter wereld brengt in de wc tijdens het schoolreisje.

zondag 1 december 2013

Whisky verdooft alles

Treurig zet hij zijn glas whisky aan zijn lippen en neemt een kleine slok. Als de goudgele vloeistof in zijn keel sijpelt trekt hij zijn mondhoeken omhoog tot een flauwe glimlach. 

Hij staart de bar rond en laat de whisky in zijn glas ronddraaien. Met een zucht zet hij het glas opnieuw aan zijn lippen en neemt de laatste slok. Het brandt in zijn keel, maar hij voelt het niet meer. Zijn lichaam is al een paar dagen verdoofd van zijn gebroken hart. Ze had gelijk om hem te dumpen. Hij is een ongelofelijke eikel eersteklas. Nu ook weer zit hij aan de bar om zich heen te kijken en neemt hij vrouwen bewonderend in zich op om zijn hoofd vervolgens lamlendig af te wenden en te denken wat voor eikel hij eigenlijk is.

Met een klap zet hij het glas op de bar en staat op. Hij trekt zijn leren jasje aan en gooit een briefje van twintig op de bar. Zonder het wisselgeld af te wachten loopt hij naar buiten, de kou in. Aan zijn hand bungelt de helm van zijn motor. Achter de kroeg rookt hij in stilte een sigaret en zet dan de helm op zijn hoofd. Lenig gooit hij zijn rechterbeen over de motor en gaat zitten. Hij wil de motor aantrappen als hij iets bekends ziet staan in de verte. Even begint zijn hart in zijn keel te kloppen. Snel gooit hij die gedachte van zich af. Het is de whisky die met zijn hoofd speelt. Hij had niet zoveel moeten drinken. Toch zet hij de helm weer af.

Ze aarzelt als ze zijn bekende gestalte in de verte ziet. Thuis is ze wel tien keer naar buiten gelopen en vervolgens weer terug naar binnen. Het is niet verstandig wat ze gaat doen. Haar ouders hebben het haar afgeraden. Hij hoort niet bij haar. Hij bezorgt haar alleen maar meer verdriet en doet haar alleen maar meer pijn. Toch kan ze de liefde die ze voor hem voelt niet negeren. Hij met zijn mooie zwarte stekeltjeshaar en donkerbruine ogen. Zijn grote lichaam die haar altijd zal beschermen. Helaas heeft hij een ziekelijke liefde voor alles met tieten, maar verder is hij perfect. Perfect voor haar. Ze blijft stilstaan als ze hem op zijn motor ziet stappen. Ze slikt de brok in haar keel weg en weet even niet meer of ze hier wel mee door moet gaan. Ze loopt verder naar hem toe en blijft vlak voor hem staan. Hij kijkt haar treurig aan en zij voelt zich ineens oppermachtig. Ze kan hem maken of breken. Ze kan ineens alles met hem doen.

“Hoi”, zegt hij zacht. Van zijn stoere mannelijkheid is niets meer over.
Ze reageert niet en staat alleen maar voor hem.
“Heb je gedronken?” vraagt ze dan aan hem. Vernietigend kijkt ze hem aan.
“Een paar.”
Het blijft stil terwijl ze elkaar aankijken.
“Goed, dan eh… ga ik maar.” Ze draait zich om en loopt bij hem vandaan. Hij aarzelt even en gooit dan zijn helm op de grond en rent achter haar aan.
“Wacht”, zegt hij en pakt haar bij haar pols.
Met tranen in haar ogen kijkt ze hem aan. Hij aarzelt niet en zoent haar op haar mond. Ze beweegt niet, maar duwt hem ook niet weg.
“Ik wil jou oké?” zegt hij als hij zich van haar losmaakt. “Ik voel me al dagen ellendig. Ik kan niet slapen, niet denken en niet werken. Ik kan niets zonder jou. Ik ben een leeg omhulsel.”
“Hoe moet het dan?” roept ze uit. “Iedereen verklaart me voor gek dat ik nou juist op jou verliefd ben geworden.”
“We doen het gewoon. We moeten er iets van maken.”
“En al die paparazzi met hun fotocamera’s en rotvragen dan?’
“Laat ze in de stront zakken. Ik mag dan wel beroemd zijn, maar er is maar één vrouw voor mij en dat ben jij. “


En hij zoent haar opnieuw en dit keer zoent ze hem vol overgave terug. Ze vergeet de andere vrouwen in zijn leven en voelt zich de enige. De roddeljournalisten die in de bosjes hadden gelegen hebben alles gehoord. De volgende dag staat de Telegraaf bol van foto’s en op internet een kopie van flarden van hun gesprek. Het kan hun geen moer schelen. Uiteindelijk betekent geld voor hem niets zonder iemand waarmee hij het kan delen. 

woensdag 27 november 2013

Hanepoten, strepen en inktvlekken

Kun je je het nog voor de geest halen? Een papier met horizontale blauwe lijntjes en aan de linkerkant een rode lijn van boven tot onder. Alle woorden dansen op papier. De één netjes op het lijntje en de ander er weer net iets onder. Bij een leeg stuk tekst een vrolijk tekeningetje. De enige echte brief. Voor mij is het al jaren geleden dat ik er één geschreven heb. 

Vroeger had ik een penvriendin. We stuurden regelmatig brieven naar elkaar om te vertellen hoe saai school eigenlijk is en dat alle jongens stom zijn. Niks geen sms’je of e-mail. Zelfs boodschappenbriefjes eindigen in mijn telefoonnotities. Ik stuur alleen nog een handgeschreven ansichtkaart vanaf mijn vakantieadres en ik zet met een blauwe pen een handtekening onder de rekening van de H&M.

Natuurlijk is een sms’je stukken sneller en een e-mail ontzettend handig, maar een brief is eigenlijk wel stukken persoonlijker. Je zet de zinnen op papier, maakt fouten en probeert die netjes door te strepen, waardoor het alsnog een chaotisch rommeltje wordt. Je begint met schrijven, maar dan bedenk je dat je toch iets anders wil zeggen en verfrommelt het papier tot een grote prop. Op de grond liggen er nog een stuk of vijf. De brief is iets persoonlijks. Het is van jou. Met je eigen hanenpoten, gekke A’s en grappige hoofdletters. De brief telt ontzettend veel spelfouten, omdat het briefpapier geen rode lijntjes onder woordjes zet zoals Word dat doet. Vol spanning doen we de envelop in de brievenbus en moeten we wachten tot we antwoord krijgen. Na drie dagen kijk je hoopvol in de brievenbus en wie weet ligt daar wel een antwoord op je te wachten. Nu hoef ik echt niet in de brievenbus te kijken. Het enige wat ik daar kan vinden zijn rekeningen, folders of een boete voor te hard rijden. In de zomer heel af en toe een ansichtkaartje, maar de persoonlijke berichtjes moet ik toch via Facebook, e-mail, sms en Whatsapp krijgen… Maar eerlijk is eerlijk: zonder die moderne technieken waren we nergens!


woensdag 13 november 2013

Red mijn toekomst!

Ai, ai, ai… Ruim 500 banen verdwijnen bij Sanoma. De grootste in tijdschriftland. Hoe moet dat nou? 

Mensen lezen te weinig in het algemeen. Ja, we lezen vluchtig de koppen van Nu.nl of even vluchtig het gratis krantje in de trein, maar afgezien daarvan houden we ons tekstueel alleen bezig met Facebook, Twitter, Whatsapp en sommigen doen nog aan sms’en. Beseffen jullie wel dat als jullie daar niet onmiddellijk mee stoppen er nog meer banen verloren gaan? Ik ben gedoemd om voor elk tijdschrift een lidmaatschap af te sluiten. Ik probeer ze te redden! Zien jullie dat niet? Mijn bankrekening staat fors in het rood, maar ik doe het met een doel. Het is wel mijn toekomst…


Nee hoor, gekkigheid. Jullie hoeven niet allemaal een abonnement te nemen op een tijdschrift. Ik vind het al heel wat dat je de moeite neemt dit korte stukje tekst door te lezen. Toch maak ik mij ergens wel een beetje zorgen. Geen idee hoe de wereld er over anderhalf jaar uitziet, maar die tijd gaat zo snel. Ik kan mij nog als de dag van gisteren herinneren dat ik als kleuter vocht om een rode schep. Dat ging er heftig aan toe kan ik je vertellen. En nu, zo’n 15 jaar later, sta ik al bijna met knikkende knietjes op de arbeidsmarkt. Bedelend als een zwerver om een baan bij een tijdschrift. Smekend dat ze een soort X-factor in mij gaan zien. De tijden zijn veranderd met de komst van internet, maar ik hou hoop dat er ergens in die hele schrijverswereld nog een plekje voor dat meisje uit Nijelamer overblijft. En wie weet! Misschien eindig ik ook als arme sloeber in een café en haal ik van mijn laatste euro een kop koffie en schrijf ik een bestseller die mij net zo rijk maakt als de schrijfster van Harry Potter. Al lijkt het allemaal uitzichtloos, je mag nooit je dromen opgeven. Al probeer je het duizenden keren, het hoeft uiteindelijk maar één keer echt raak te zijn. 

zaterdag 9 november 2013

Neergeslagen

Bron: Pinterest.com


Ik weet het. Het is allemaal ontzettend oneerlijk. Het leven heeft zo zijn eigen manieren om je te laten struikelen en vervolgens te laten vallen. Het breekt je, het maakt je soms tot aan de grond kapot. Hoe groter je aan het worden bent, hoe harder je de grond kunt raken. Woorden snijden als messen in je ziel en maken nog meer krassen. Het is zo oneerlijk en het is onbegrijpelijk. Het woord ‘waarom’ blijft in je hoofd rondzingen en er is niemand die er een antwoord op durft te geven. Of kan geven.


Je denkt nu dat het nooit meer over zal gaan. De pijn, het verdriet en het verdrietige gevoel. Je denkt dat het allemaal in je hoofd rond blijft cirkelen en rond blijft gaan. Je denkt dat je nooit meer verder zou kunnen. Maar nu zoveel jaar later weet ik dat je het wel hebt gekund. Kijk toch eens naar de toekomst lief meisje. Wees niet zo verdrietig en blijf niet hangen in je verdriet. Het leven is oneerlijk en dat blijft het ook. En daarom is het aan jou om jezelf sterk te maken en het goede te doen. Daarom is het aan jou om de wereld zijn lieve kanten te laten zien. En ja, soms wordt je keihard naar de grond geslagen. En soms lijken de donderwolken weer boven je hoofd rond te cirkelen, maar jij weet heel goed dat ook de zon weer gaat schijnen. Jij weet dondersgoed hoe mooi het leven kan zijn, dus laat je niet vallen.

Woorden zijn maar woorden. Laat ze maar in je ziel snijden. Laat ze je maar pijn doen. De pijn die je ervaart, wordt vanzelf minder. En uiteindelijk maakt het je sterker. Het maakt je een beter mens. En dat mens, gaat later mooie dingen doen. Dus kop op lief meisje. Het komt allemaal wel goed. Je moet er alleen maar voor durven gaan.



donderdag 31 oktober 2013

“Hoor wie klopt daar kin’dren…”

Ietwat gespannen zit ik samen met mijn twee jonge nichtjes op de bank bij opa en oma. Het is al half negen geweest en er zijn nog steeds geen cadeautjes. Sinterklaas is ons toch niet vergeten? Mijn vader is nog geen vijf minuten geleden naar buiten gelopen om te roken. Een beetje verdacht is het wel, want het is elk jaar hetzelfde liedje. Hij is nooit op tijd terug om Zwarte Piet op het raam te horen bonzen. Een typisch geval van slechte timing waarschijnlijk, maar dat geeft niets. Wij krijgen cadeautjes en lieve gedichtjes, omdat we weer een jaar lief zijn geweest.

Nu, zoveel jaar later, ben ik het gezeur om Zwarte Piet zat. Ik vind de discussie die gevoerd wordt niet erg. Er mag wel iets veranderen, maar we hoeven elkaar niet aan te vallen. Verschillende berichten kwam ik tegen op social media: “Als jullie Zwarte Piet niet langer willen, rot je maar op naar je eigen land.” Daar ben ik het niet mee eens. Je mag best een kritische noot aanvoeren. En Piet hoeft misschien niet pikzwart te zijn. Wat ik nu wel erg vind, is dat nu het hele kinderfeest teniet gedaan wordt.
Bij RTL Late Night sprak een (donkere) vader over zijn (donkere) zoontje die zei: “Papa, waarom bemoeien jullie volwassenen zich daarmee? Het is toch voor ons? Voor de kinderen?” Toen dacht ik: Ja! Dat is toch ook zo? Het is een feest voor kinderen. Ze krijgen cadeautjes als ze lief zijn geweest. De boot komt bij wijze van spreken aan in hartje Groningen, helemaal vanuit Spanje. Dat soort dingen kunnen toch ook niet? Denkt een kind daarover na? Nee. Denken kinderen dan wel aan slavernij? Waarschijnlijk niet. Moeten Pieten blanker, geler of roder? Prima, als het idee van Sinterklaas maar overeind blijft. 

donderdag 17 oktober 2013

Muzikale emotie

Met haar ogen dicht staat ze in de woonkamer. De cd die in haar cd-speler zit, is haar lievelingsmuziek. De volumeknop is ver naar rechts gedraaid. Met haar handen beweegt ze mee op de muziek. Af en toe maakt ze een paar voorzichtige wals pasjes. De vermoeidheid die eerder in haar gezicht te zien was, is nu helemaal verdwenen. Een stralende glimlach van oor tot oor. Als een dirigent bewegen haar vingers op de maat van de muziek en glimlacht breed. Na een paar minuten heeft ze door dat ik er ook nog ben en draait zich naar mij om. ‘Mooi hè,’ zegt ze zacht.



Een tijdje terug kwam ik erachter dat muziek heel belangrijk voor iemand kan zijn. Tijdens mijn vakantiebaantje was ik bij een ontzettend lief vrouwtje die probeerde te genieten van het leven, maar haar man met Alzheimer maakte dat genieten stukken lastiger. Hij woont nog bij haar in huis als haar man, maar hij herkent haar niet als zijn vrouw. Hij wordt incontinent, begrijpt de dingen niet meer en loopt als een hondje achter haar aan. Ze kan niet even het huis ontvluchten, omdat hij dan bang wordt. De man met wie ze al meer dan 60 jaar samen is, is eigenlijk haar man niet meer. En bovenop dat alles, is er vorig jaar in hun woning ingebroken en is haar trouwring meegenomen. Het enige wat haar nog herinnerde aan het goede leven met haar man. Aan de man die ze kent. Aan de man van wie ze zielsveel houdt.

Om zichzelf toch op te vrolijken zet ze vrolijke accordeonplaatjes op. Toen ik er was liet ze mij er een aantal horen en ondanks dat het niet mijn muziek is, snap je de boodschap die erachter zit. De vrolijke klanken van de accordeon. Soms vrolijk, soms verdrietig. Soms snel, soms langzaam. En zo ging dat een tijdje door. Ze danste in de kamer, neuriede mee met de wijsjes en straalde van oor tot oor. Bij een bepaald stukje stak ze haar vinger in de lucht en keek mij met stralende ogen aan. ‘Moet je horen, dit stukje is zo mooi…’ Op dat moment begreep ik beter dan ooit dat muziek bovenal emotie is. En we luisterden nog een paar minuten samen naar de muziek, terwijl de klanken van de accordeon langzaam wegstierven. 

woensdag 2 oktober 2013

Dwarskopperij

Dwars zijn is iets waar we (bijna) allemaal wel eens mee te maken hebben. Het is bij mijn lieve neefje van 1,5 af en toe te merken dat hij echt een eigen willetje heeft. Als hij naar de boe wil, dan wil hij naar de boe. Als hij op zijn raceauto door huis heen scheurt, wil hij daar niet vanaf getild worden, omdat hij op bed moet.  Boos begint hij dan te huilen en stampt woest met zijn voetjes op de grond. Gelukkig zijn er voor die leeftijd nog handigheidjes. Je tilt hem op, negeert zijn gehuil en legt hem in zijn bedje waar hij nog niet uit kan klimmen. Makkelijk! Jammer genoeg kun je die dwarsliggende collega niet optillen en in zijn bed stoppen.

Toch heb je ook geen fijn leven als je een jaknikker bent. Soms moet je nou eenmaal op je strepen staan en zeggen wat je ervan vindt en wat jij wilt. Het is dan te hopen dat je een jaknikker tegenover je hebt staan die zonder morren ook rechtsom wil. Het gebeurt namelijk regelmatig dat mijn vriend en ik allebei even dwars zijn. Ik wil rechts, hij wil op dat moment links. Negen van de tien keer komen we daar prima uit, maar af en toe botst het.
‘Zullen we zo naar huis?’ We zijn op een verjaardag waar de lol inmiddels wel vanaf is. De meeste visite is al vertrokken en de mensen die er nog zijn hebben een behoorlijke borrel te veel op, behalve ik dan. Mijn alcoholische versnaperingen staan op nul.
‘Nee, het is nog zo gezellig!’ zegt hij vervolgens met zijn pretogen.
Ik rol met mijn ogen en staar de kamer rond. Heel gezellig inderdaad met iemand die bijna op de tafel ligt te slapen. Een ander is gekke dansbewegingen aan het maken, terwijl er geen eens muziek gedraaid wordt.
‘Maar ik heb het wel gehad,’ dram ik door.
‘We gaan zo…’ mompelt hij dan en heel even is het dwarskop gevoel weg.
Als zijn bierflesje leeg is wil ik hem meetrekken, maar dan komt de gastheer eraan die hem doodleuk nog een biertje voorzet.
‘We gingen toch weg?’ Over het vorige biertje deed hij al ellendig lang. Dat zal bij de volgende wel niet anders zijn.
‘Ja, nog een allerlaatste.’
Die mannen ook altijd met hun laatste, allerlaatste en aller-allerlaatste…
‘Nee nu.’ Ik trek mijn jas aan, maar heb meteen door dat het geen zin heeft. Meneer is dwars, net als ik. Toch geef ik deze keer maar toe en ga met de jas aan naast hem staan.
‘Na deze gaan we echt.’
‘Ja-haa,’ zegt meneer glimlachend en dan baal ik. Hij heeft dit keer gewonnen, maar de volgende keer weet ik het zeker. Dan win ik!


woensdag 18 september 2013

Roddel en achterklap

Is het je wel eens opgevallen hoeveel mensen een denkfout maken? Er wordt door iemand iets geroepen en een ander neemt het klakkeloos over en vertelt het weer door aan de volgende. Zo gaat de roddel razendsnel en weet ineens iedereen het. Behalve degene waar het daadwerkelijk om gaat. Vaak weet diegene van niets, omdat niemand de ballen heeft het ook even te checken. Soms hoort diegene het ineens in de supermarkt. ‘Gefeliciteerd met je zwangerschap!’ Een paar vragende ogen zijn het resultaat. ‘Zwanger? Ik ben helemaal niet zwanger…?’

Bij mijn opleiding draait alles om de waarheid. Journalistiek is geen verzonnen verhaaltje vertellen; het is het achterhalen van de waarheid. De Privé en de Story uitgezonderd. Je hoort iets, een gerucht, een roddel of een bijzonder verhaal en dan ga je een stap verder: is het wel waar? Je gaat niet iets in de krant zetten, wat nooit gebeurd is. Je gaat geen leugens vertellen. En daarom heb ik een hekel aan mensen die niet eerst iets checken en het zo weer verder vertellen. Het is schijnheilig, lamzakkerig en achterbaks gedoe. Jammer genoeg gebeurt het veel te vaak dat een roddel wordt doorgegeven, zonder de waarheid eerst te checken bij de persoon waar het daadwerkelijk om gaat.

En natuurlijk wordt er geroddeld in een dorp, groep of klas. Een beetje roddelen is ook niet zo erg. Iedereen doet het af en toe, maar hoe je het doet, bepaalt wat voor persoon je bent. Hoor je iets ergs, neem je het over en vertel je het zo weer door is erg. Roddelen achter iemands rug om en vervolgens poeslief doen tegen diegene is achterbaks. Gezonde roddels over iemand die dronken was en van de trap viel zijn lang niet zo schijnheilig als verhalen expres de wereld inbrengen, terwijl het iemand echt kan schaden. Roddel met een zekere vorm van respect en denk eerst na voor je iets doorvertelt.